Posts

Zeemeeuwen bestaan niet

Afbeelding
Gisteren reed ik met Sandra langs een grasveldje waar drie meeuwen op stonden. Twee ervan waren aan het wurmen vangen door net als merels op het gras te trippelen. Het was haar nog nooit opgevallen dat meeuwen dat ook doen. Ook viel het haar niet op dat het drie verschillende soorten waren: stormmeeuw, zilvermeeuw en kokmeeuw. Voor leken lijken alle meeuwen op elkaar. Voor sommigen bestaan er zelfs slechts zeemeeuwen (en die bestaan nu juist niet). Maar ook ervaren vogelaars hebben moeite om de vogels uit elkaar te houden. Dat komt door de verschillende leeftijdskleden die meeuwen hebben. Sommige meeuwen doen er 4 jaar over om van juveniel kleed uit te groeien naar het volwassen kleed. En dan heb je ook nog verschil naar zomer of winter; een zilvermeeuw is er zo een. Hierdoor heeft deze meeuwensoort 9 verschillende kleden (plus alle individuele variaties, want geen meeuw is identiek, zelfs niet binnen de eigen soort). Een kokmeeuw doet er twee jaar over om naar het vol...

Lentekriebels en wintertenen

Afbeelding
Al een paar weken zingen ’s morgens de heggenmussen hun ijle liedjes. Ook fietspompen de koolmezen er vrolijk op los met hun onophoudelijk "fwiet, fwiet, fwiet". Sneeuwklokjes en krokussen versieren de winterse borders. De lente is in aantocht. Sinds een dag of tien hoor ik ook weer de zanglijsters met hun melodieuze zang. Vandaag maakte zo’n meesterlijke imitator het wel erg bont door zich dan weer voor te doen als waterral en dan weer als sperwer en havik. Hij was ook een meesterverstopper, want hoewel hij dichtbij zat, liet hij zich niet zien. Ik had besloten mij niet te laten kennen en te blijven zitten tot ik hem zou zien. Toen ik hem eindelijk vond in de kruin van een es, was er weinig lente meer in mijn ledematen te vinden. Het met pijnlijk verkleumde handen en voeten weer naar huis fietsen, was dan ook niet bepaald het hoogtepunt van mijn dag. Gelukkig lagen er nog twee winterse restjes in de diepvries: erwtensoep en boerenkool. Een probate combinatie...

Vrije vogel

Afbeelding
Een vakdiploma halen . Gelukkig kan ik goed leren. Zo heb ik ooit in een week 200 wetenschappelijke namen van vogels uit mijn hoofd geleerd. Maar ook voor mijn andere vakdiploma’s had ik altijd goed gescoord. Omdat ik wist dat het een hele kluif zou worden, besloot ik om mij vroeg in het jaar in te schrijven. Zo had ik die vaste datum als stok achter de deur. En als het onverhoopt fout zou gaan, dan had ik nog het hele jaar de tijd voor een herkansing. Ik moest er niet aan denken: dezelfde stof nog eens  doorworstelen? Met de weken steeg mijn kennis, maar daalde mijn zelfvertrouwen, want uit de oefenexamens bleek, dat er voornamelijk vragen werden gesteld over dingen die niet in het boek stonden. S pannend , zulke examens. Op 17 februari 2015 was het dan zo ver. Intussen had ik mijn boek baldadig in een hoek gesmeten en de laatste dagen niet meer geleerd of geoefend (de soort onverschilligheid die ik mij nog herinner van mijn middelbareschooltijd, maar of dat nu ...

Roy

Afbeelding
Tino had de auto tot stilstand gebracht, waarna ik hem vragend aankeek. Er was geen vogel te zien, dus waarom stoppen? Hij liet het raampje aan mijn kant zakken en ik keek opzij, waar een paard achter het prikkeldraad stond. Het dier had langharige donkere sokjes en een even donkere, sluike haardos. “Het lijkt Roy Donders wel” zei ik , waarna mijn ogen afdwaalden naar de onderkant van het dier, dat een merrie bleek te zijn. Haar uitpuilende geslachtsdeel hing onder haar staart en er hing een flinke bos stro aan. “Roy, wat heb jij een lelijke” zei ik melig.  Minuten later, de auto sukkelde over een lommerrijk laantje, herhaalde Tino ineens hardop mijn zin, waarmee pas tot ons doordrong hoe absurd die was. Wij schoten in de slappe lach en met betraande ogen zette hij de auto maar weer stil, totdat onze tranen en buikpijn voorbij waren. Het was lang geleden dat wij samen zo gelachen hadden en omdat de door de weerman beloofde zon de hele dag verscholen bleef achter d...

Aangestaard

Afbeelding
  alsof de mensen aan mijn kijkers zien   dat zij de klap nog niet te boven zijn   van de blik op het zwarte niets   alsof ik al dood ben, geen levende ziel   en zij verschrikt in een glimp   hun sterfelijkheid weerspiegeld zien